Bethesda

Vandaag wil ik jullie meenemen naar een bijzondere gebeurtenis uit Johannes 5. Het is een verhaal dat veel mensen kennen, misschien omdat het zo tot de verbeelding spreekt. Je ziet het bijna voor je: een soort oud ziekenhuis, vol mensen met allerlei ziekten. Blinden, kreupelen, mensen die verdord waren – allemaal lagen ze rond een groot bad met water. Dat bad heette Bethesda, wat in het Hebreeuws “huis van barmhartigheid” betekent.

Ik zal het verhaal eerst voorlezen

Johannes 5:1-18 Hierna was er een feest van de Joden en Jezus ging naar Jeruzalem.
2. En er is in Jeruzalem bij de Schaapspoort een badwater, dat in het Hebreeuws Bethesda wordt genoemd, met vijf zuilengangen.
3. Daarin lag een grote menigte van zieken, blinden, kreupelen en verlamden, die wachtten op de beroering van het water.
4. Want een engel daalde van tijd tot tijd neer in het badwater en bracht het water in beweging; wie dan het eerst daarin kwam, na de beweging van het water, werd gezond, aan welke ziekte hij ook leed.
5. En daar was een man die al achtendertig jaar ziek was.
6. Jezus zag hem liggen en omdat Hij wist dat hij al lange tijd ziek was, zei Hij tegen hem: Wilt u gezond worden?
7. De zieke antwoordde Hem: Heere, ik heb geen mens om mij in het badwater te werpen wanneer het water in beroering gebracht wordt; en terwijl ik kom, daalt een ander vóór mij af.
8. Jezus zei tegen hem: Sta op, neem uw ligmat op en ga lopen.
9. En meteen werd de man gezond, nam zijn ligmat op en ging lopen. En het was sabbat op die dag.
10. De Joden dan zeiden tegen hem die genezen was: Het is sabbat, het is u niet geoorloofd de ligmat te dragen.
11. Hij antwoordde hun: Hij Die mij gezond gemaakt heeft, Die heeft tegen mij gezegd: Neem uw ligmat op en ga lopen.
12. Zij vroegen hem dan: Wie is de Mens Die u gezegd heeft: Neem uw ligmat op en ga lopen?
13. En hij die genezen was, wist niet Wie het was, want Jezus had Zich ongemerkt verwijderd omdat er een menigte was op die plaats.
14. Daarna vond Jezus hem in de tempel en zei tegen hem: Zie, u bent gezond geworden, zondig niet meer opdat u niet iets ergers overkomt.
15. De man ging weg en berichtte de Joden dat het Jezus was Die hem gezond gemaakt had.
16. En daarom vervolgden de Joden Jezus en probeerden zij Hem te doden, omdat Hij deze dingen op de sabbat deed.
17. Maar Jezus antwoordde hun: Mijn Vader werkt tot nu toe en Ik werk ook.
18. Daarom dan probeerden de Joden des te meer Hem te doden, omdat Hij niet alleen het gebod van de sabbat brak, maar ook zei dat God Zijn eigen Vader was, en daarmee Zichzelf aan God gelijkmaakte.

In dat bad gebeurde iets bijzonders. Af en toe kwam er een engel die het water in beweging bracht. En iedereen geloofde: wie er als eerste in sprong wanneer het water bewoog, werd genezen – van welke ziekte dan ook. Of dat precies zo gebeurde, maakt eigenlijk niet uit. Het punt is dat het water een genezende werking symboliseerde. En dat past helemaal in het grotere thema dat Johannes in zijn evangelie laat zien: het Woord van God wordt steeds vergeleken met water.

Johannes begint zijn evangelie met die bekende woorden: “In het begin was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God.” Dat is niet alleen een mooie opening, het is eigenlijk het onderwerp van het hele boek. Alles draait om het Woord. Het Woord dat leven geeft, dat licht brengt, dat reinigt, dat een nieuwe schepping mogelijk maakt. En steeds weer gebruikt Johannes water als beeld voor dat Woord.

In Johannes 1 zien we Johannes de Doper die mensen onderdompelt in water. Dat water staat voor het Woord dat reinigt. In Johannes 2 verandert Jezus water in wijn. Een beeld van hoe het Woord een nieuwe schepping voortbrengt. In Johannes 3 legt Jezus aan Nicodemus uit dat je “uit water en geest” opnieuw geboren moet worden. In Johannes 4 ontmoet Jezus de Samaritaanse vrouw bij de bron van Jakob. Hij vertelt haar dat Hij levend water geeft, water dat eeuwig leven brengt.

En dan komen we bij Johannes 5, bij Bethesda. Daar ligt een man die al 38 jaar ziek is. Hij kan niet lopen. Hij kan niet zelf bij het water komen. Hij zegt tegen Jezus: “Ik heb niemand die mij helpt.” En telkens wanneer het water beweegt, is iemand anders hem voor.

Die 38 jaren zijn niet zomaar een detail. In de Bijbel komt dat getal bijna nooit voor, behalve op één belangrijke plek: In Deuteronomium 2:14 staat dat Israël 38 jaar door de woestijn dwaalde in ongeloof. Israël zwierf 40 jaar door de woestijn, maar hier staat dat er 38 jaren waren verstreken tussen Kades-Barnea en het moment waarop de oude, ongelovige generatie was verdwenen. Ze waren vlak bij het beloofde land, maar ze vertrouwden God niet. Dat is precies het beeld dat deze man vertegenwoordigt: Israël dat niet kon ingaan in Gods rust, omdat het niet geloofde.

Maar dan komt Jezus. Hij vraagt de man: “Wil je gezond worden?” Dat lijkt een vreemde vraag, maar het is eigenlijk heel logisch. Want genezing betekent: je oude leven achterlaten. En dat wil niet iedereen. Maar deze man wil het wel. En Jezus zegt simpelweg: “Sta op, neem je bed op en wandel.”

En het wonderbare gebeurt. Het Woord spreekt en het leven komt. De man staat op, neemt zijn bed mee en loopt. Dat bed, zijn oude rustplaats, draagt hij nu zelf. Hij heeft het niet meer nodig zoals vroeger. Hij is vrij. En het is sabbat, de dag die in de Bijbel staat voor rust, voor het Koninkrijk van God. Het past precies: wanneer iemand opstaat door het Woord, begint de sabbat. De rust van God.

Maar de mensen om hem heen reageren anders. Ze zeggen: “Je mag je bed niet dragen op sabbat.” Ze zien niet het wonder, maar alleen de regels. Dat laat zien hoe krachteloos de wet is wanneer het hart niet gelooft. De man vertelt dat iemand hem gezegd heeft dat hij moest lopen, maar hij weet niet eens wie Jezus is. Dat is precies het beeld van Israël: ze worden in de toekomst wel genezen door de Heer, maar herkennen Hem niet meteen als de mens Jezus Christus.

Later vindt Jezus de man terug in de tempel. Hij zegt: “Je bent gezond geworden. Zondig niet meer.” Dat betekent hier niet: doe nooit meer iets fout. Het gaat om één specifieke zonde: ongeloof. Dat is de zonde waardoor Israël niet kon ingaan in het beloofde land. En dat is ook de zonde waardoor een mens vandaag God kan missen. Jezus zegt eigenlijk: “Blijf geloven. Wandel in dat nieuwe leven.”

De les van dit verhaal is verrassend eenvoudig. Genezing, echte, geestelijke genezing, komt niet door regels of inspanning. Het komt door het levende Woord van God. Door Christus zelf. Hij zegt: “Sta op.” En wie gelooft, staat op. Niet om de oude mens te verbeteren, maar om een nieuwe mens te worden. Niet om terug te keren naar het oude bed, maar om het mee te nemen en te wandelen in vrijheid.

En waar kom je dan uit? In de tempel. In Gods aanwezigheid. Daar vindt Jezus jou. Daar begint het nieuwe leven.

Wat betekent dit verhaal voor jou, vandaag?

Misschien herken je iets van die man bij Bethesda. Misschien voel je je vastgelopen, machteloos, of wacht je al heel lang op verandering. Misschien denk je dat je eerst iets moet bereiken, of dat je iemand nodig hebt die jou “in het water duwt”.

Maar het levende water komt naar jou toe. Jezus vraagt jou dezelfde vraag: “Wil je gezond worden?”

Met andere woorden: Ben je bereid om je oude leven los te laten? Ben je bereid om te geloven dat Zijn Woord genoeg is? Ben je bereid om op te staan, zelfs als je dat al jaren niet kon?

Het nieuwe leven begint niet met kracht, maar met geloof. Niet met kunnen, maar met vertrouwen. Niet met regels, maar met het Woord dat leven geeft.

En als je opstaat, neem dan je bed mee. Want je gaat wandelen. En onderweg, in jouw dagelijkse leven, zul je Hem opnieuw ontmoeten. In de tempel. In Zijn rust. In Zijn Koninkrijk.

Amen


Geplaatst

in

door

Tags: